Voormalig Tweede Kamervoorzitter Frans Weisglas
Frans Weisglas werd op 8 augustus 1946 geboren in Den Haag.Na de middelbare school en de HBS (HAVO) studeerde hij van 1963-1970 economie Nederlandse Economische aan de Hogeschool in Rotterdam. Hij werkt al heel lang in de politiek. Van 1970-1982 was Frans Weisglas ambtenaar op het ministerie van Buitenlandse Zaken. De heer Weisglas is sinds 16 september 1982 lid van de VVD-fractie in de Tweede Kamer. Hij woont in Rotterdam.
Hij was van 1970 tot 1982 ambtenaar op het ministerie van Buitenlandse Zaken en secretaris van de minister voor Ontwikkelingssamenwerking. De heer Weisglas was eerste ondervoorzitter van de Tweede Kamer. Op 28 mei 2002 is hij voor het eerst gekozen tot Voorzitter van de Tweede Kamer. Op 4 februari 2003 werd hij herkozen in deze functie.
Hoe speciaal is het om de Voorzitter van de Tweede Kamer te zijn?
‘Er is er maar één voorzitter van de Tweede Kamer en dat is natuurlijk wel speciaal. Het is wel een speciale baan. Mensen zien mij bijvoorbeeld tijdens het Vragenuur op dinsdag zitten in de Voorzittersstoel, maar verder is de Tweede Kamer ook een soort bedrijf. Er werken 600 mensen in de Tweede Kamer, ik ben wel een soort hoogste baas van al deze mensen. Verder vertegenwoordig ik de Tweede Kamer namens alle mensen in de Tweede Kamer, bijvoorbeeld tijdens allerlei vergaderingen en bezoeken in het binnen -en buitenland. Je mag een periode een voorzitter zijn van, om het deftig te zeggen, het hoogste democratische instituut van Nederland. De Staten-Generaal bestaat uit twee kamers, de Eerste en Tweede Kamer.’
In de krant van mei 2002 zei u dat een droom in vervulling ging op het moment dat u Kamervoorzitter werd.
‘Het was geen jongensdroom om later Voorzitter te worden, zoals veel jongetjes dromen over wat ze willen gaan doen. Ik heb me altijd voor de VVD bezig gehouden met buitenlandse zaken. In 1998 ben ik in het bestuur van de Tweede Kamer, het Presidium, gekomen. Vanaf dat moment was het wel een beetje een droom om Kamervoorzitter te worden. Vroeger wilde ik een hotel beginnen.’
Toen u zelf nog in de Tweede Kamer zat, was u toen jaloers op de Voorzitter?
‘Jaloers was ik niet, maar ik vond de baan van de Voorzitter wel een hele mooie baan.’
Was u tijdens uw lagere schooltijd al bezig met politiek?
‘Niet toen ik op de lagere school zat, later wel tijdens mijn studententijd. Ik las al wel vroeg de krant.’
Vond u vroeger school leuk? Ik las dat u op een Nuts-school zat, een vrije school.
‘Ja, ik vond het leuk om dingen te leren. Ik was nieuwsgierig en vond het helemaal niet vervelend om naar school te gaan. Helaas was ik wel veel ziek, ik had astma. Hierdoor kon ik regelmatig niet naar school en dat vond ik helemaal niet leuk.’
Was geschiedenis uw favoriete vak?
‘Ja, dat klopt. Ik kreeg op de middelbare school ook altijd hoge cijfers voor dit vak.’
Werd er bij u thuis veel over politiek gesproken?
‘Niet echt over politieke partijen, maar meer over wat er in de wereld en Nederland gebeurde. Daar gaat politiek natuurlijk over. Mijn ouders waren niet zo heel erg bezig met politiek, soms werd er aan tafel over politiek gesproken.’
Wanneer was de eerste keer dat u dacht politiek is best interessant?
‘Dat was tijdens mijn middelbare schooltijd en mijn studententijd. Ik was zeventien toen ik ging studeren, op dat moment werd ik ook lid van de liberale studentenvereniging.’
Waarom de VVD?
‘De VVD is een partij die heel goed past bij hoe ik denk over Nederland en de wereld. De VVD wil graag dat mensen zichzelf ontwikkelen, dingen zelf doen en dat de regering of staat niet voor alles een oplossing moet vinden.’
Er bestaan in de Tweede Kamer het Reglement van orde, zeg maar de spelregels. Bent u een strenge Voorzitter?
‘Ja. Maar eigenlijk moeten alle voorzitters streng zijn. Kamerleden zijn soms best wel eigenwijs en dat is ook best goed. Het is niet zoals loltrappen op school, ze willen allemaal hun verhaal vertellen en aan het woord zijn. Tijdens het Vragenuur vraag ik daarom soms of het wat stiller mag zijn in de vergaderzaal, maar tijdens een debat mogen ze best praten in ‘de klas’. Hoewel de Tweede Kamer natuurlijk geen klas is. Soms ben ik wel eens een soort schoolmeester.’
In de Tweede Kamer is het belangrijk dat de Tweede-Kamerleden netjes praten en niet dat er, zoals af en toe gebeurt, een raar woord gezegd wordt. U bent volgens mij dan wel streng.
‘Ja, dat klopt. Ik vind het belangrijk dat Kamerleden opletten wat ze zeggen en geen rare woorden gebruiken. Wij moeten als Tweede Kamer het goede voorbeeld geven.’
U zit in de Kamer op de Voorzittersstoel. Kunt u uitleggen wie er naast u zitten?
‘Aan de rechterkant zit de Griffier, mevrouw Biesheuvel. In de Tweede Kamer werken 600 mensen, de schoonmakers, mensen van de computerafdeling en mensen, de ambtenaren, die dingen uitzoeken voor Kamerleden. De baas van al die ambtenaren is mevrouw Biesheuvel, zij zit naast me en adviseert me. De Griffier is heel belangrijk in de Tweede Kamer. Als ik ziek, op vakantie of op reis ben dan zijn er twee ondervoorzitters, de eerste is meneer Ten Hoopen (CDA) en mevrouw Hamer (PvdA) is de tweede ondervoorzitter van de Kamer. Aan de linkerkant zit Britta Adema, zij is mijn voorlichter.’
Op dinsdagmiddag is in de Tweede Kamer het Vragenuur, dat vanaf 14.00 live op televisie (Nederland 2) wordt uitgezonden. Zouden kinderen vaker naar het Vragenuur moeten kijken om zo te leren hoe de politiek werkt?
‘Ja, dat zou ik wel leuk vinden. Maar ik denk dat het dan goed zou zijn als de kinderen dan ook kijken hoe de Tweede Kamer en de politiek werkt. Je zou er dan uitleg bij moeten geven, bijvoorbeeld over de Kamerleden die vragen stellen aan de minister, over fracties in de Kamer en over de Voorzitter. Ik denk dat het goed zou zijn dat kinderen af en toe eens kijken naar het Vragenuur en zien hoe het allemaal in de Tweede Kamer werkt.’
Veel kinderen en hun ouders vinden politiek saai. Maar politiek is toch helemaal niet saai?
‘Politiek is niet saai, maar soms moet het saai zijn. Dat zal ik proberen uit te leggen. We moeten in de Kamer ingewikkelde wetten maken, bijvoorbeeld over de belasting. De Kamerleden moeten heel goed en soms tot in de kleine details een wet bespreken en bestuderen, en dat wordt het soms een beetje saai. Maar het is belangrijk dat een wet goed wordt gemaakt.’
Politiek is voor kinderen heel belangrijk, ze hebben er elke dag mee te maken.
‘Ja, dat klopt. Het is daarom heel erg belangrijk dat wetten goed worden gemaakt. En misschien is politiek daarom voor kinderen soms saai.’
De belangrijkste taak van de Tweede Kamer is het controleren van de regering. Soms vinden ministers dat niet leuk.
‘De Tweede Kamer controleert de regering. Maar waarom doen we dat? Niet omdat we zomaar 150 mensen zijn, maar we doen dat namens 16 miljoen Nederlanders, die hebben ons gekozen. Namens al deze mensen controleren wij de regering en onderzoeken of de regering het werk goed doet en of de Kamer het daar mee eens is. Het is daarom belangrijk dat ministers naar de Tweede Kamer komen om uit te leggen waarom ze beslissingen hebben genomen. En de ministers komen altijd, maar soms hebben ze inderdaad geen zin. Als ministers niet zouden komen, dan zou de Kamer niet meer haar democratische werk kunnen doen.’
De baas van het CDA, Maxime Verhagen (interview), heeft bedacht dat er geen 150 maar 100 Kamerleden moeten zijn.
‘Ik vind 100 Kamerleden te weinig. We hebben 16 miljoen inwoners en 150 Kamerleden is dan goed. Als je kijkt naar anderen landen met evenveel inwoners en ziet hoeveel Kamerleden die hebben, dan is onze Kamer helemaal niet zo groot.’
In België bestaat er het Vlaams Kinderparlement, in Engeland was er heel lang een minister speciaal voor kinderen. Bent u voor een Nederlands Kinderparlement of een kinder minister-president?
‘Als kinderen dat zelf willen en zelf organiseren, prima! De Tweede Kamer en de regering moeten daar serieus mee om gaan, het moet niet zo zijn dat zij dat moeten regelen. Kinderen moeten dat zelf doen.’
En een Partij voor Kinderen?
‘Nee, dan wordt politiek iets te veel een spelletje. Bij een Kinderparlement of Kinderkabinet heb je natuurlijk partijen en op die manier ook partijen voor kinderen. Je moet het dan wel echt naspelen en partijen hebben.’
De Voorzitter van de Eerste Kamer mevrouw Timmerman-Buck heeft op Politiek4Kids gezegd dat de Eerste Kamer heel belangrijk is, en dat als de Eerste Kamer nee zegt een wet niet doorgaat. Wie is belangrijker, de Eerste of de Tweede Kamer?
‘De Tweede Kamer, omdat wij wetten echt kunnen veranderen. Soms komt er een wet uit de Tweede Kamer die heel anders is dan dat de regering heeft bedacht. Verder is de Tweede Kamer een fulltime parlement, wij vergaderen vier dagen per week. Op dinsdag, woensdag en donderdag in de grote zaal (plenaire zaal) en op maandag soms kleine commissie vergaderingen. Tweede Kamerleden werken op vrijdag en in het weekend, bijvoorbeeld tijdens werkbezoeken ook voor de Tweede Kamer. Eerste Kamerleden werken maar één dag per week, op dinsdag, in de Eerste Kamer. De Tweede Kamer is dus belangrijker.’
Vindt u het jammer dat veel kinderen niet weten wat de Eerste Kamer precies doet maar wel wat de Tweede Kamer doet?
‘Ik denk dat het goed is dat kinderen weten dat het Parlement twee Kamers heeft. Een wet gaat eerst naar onze Kamer, wij kunnen ‘m veranderen, hierna gaat de wet naar de Eerste Kamer. Zij kunnen ‘m niet veranderen, maar alleen ja of nee zeggen. Alleen de Tweede Kamer kan wetten veranderen.’
Kinderen kunnen op internet lezen wat u als Voorzitter allemaal doet.
‘Ja, kinderen kunnen naar http://www.tweedekamer.nl surfen en klikken op mijn weekboek, een soort dagboek. Op die manier kunnen ze, op een leuke manier ook de politiek volgen.’
Uw hobby’s zijn lezen en op vakantie gaan naar Zwitserland?
‘Ja, dat klopt. In het weekend vinden mij vrouw en ik het leuk om te wandelen en verder lees ik graag een boek. Tijdens de vakanties in Zwitserland is het leuk om een bergwandeling te maken. Verder lees ik heel veel kranten en dingen over politiek, maar dat is voor mij ook een soort hobby.’
Wat is uw favoriete groep of cd?
‘Ik vind Katie Melua erg goed, bijvoorbeeld haar hit Nine Million Bicycles.’
Een tijd geleden heeft u het idee bedacht dat de Tweede Kamer af en toe niet in Den Haag, maar ergens in Nederland zou moeten vergaderen. Bestaat dit idee nog steeds?
‘Ja, maar ik vind dat dit meer zou moeten gebeuren. We hebben één keer, over landbouw, vergaderd in de Veenkoloniën (Drenthe). Het is belangrijk omdat op deze manier de Tweede Kamer dichter bij de mensen komt, niet meer vanuit Den Haag maar om de hoek in het gemeentehuis. Mensen vinden misschien de politiek om deze manier niet meer zo saai. Ze kunnen, vlakbij huis, zie wat de Tweede Kamer precies doet. Het is belangrijk dat politici er alles aan doen om politiek weer spannend te maken en dat mensen het weer interessant gaan vinden. Veel mensen vinden politiek saai, je noemt dat ook wel de kloof tussen de burger en politiek.’
Helpt het dan ook wanneer politici minder ingewikkeld zouden praten?
‘Ingewikkeld praten hoort wel een beetje bij politiek, maar Kamerleden mogen af en toe best minder ingewikkeld praten. Het zou soms minder langdradig mogen.’
U heeft, samen met een aantal mensen, het burgerinitiatief bedacht.
‘Volgens mij helpt dit idee ook dat mensen politiek weer leuk en interessant zullen gaan vinden. Vanaf 1 mei mag iedereen een idee of een plan voor een nieuwe wet bedenken en deze naar de Tweede Kamer sturen. Om te zorgen dat de Tweede Kamer moet praten over dit idee moet je wel eerst 40.000 handtekeningen verzamelen van mensen die dat ook een goed idee vinden. Het mogen allerlei ideeën zijn, maar niet een idee (wet) waarover de Tweede Kamer in de afgelopen twee jaar een beslissing over heeft genomen. Ik denk dat heel veel mensen met allemaal goede ideeën komen.’
Meer weten over het burgerinitiatief? Klik hier.
Ik las dat u het leuk vindt om aan kinderen uit te leggen hoe het in de Tweede Kamer werkt?
‘Ja, dat klopt. Kinderen zijn de kiezers van later en het is belangrijk om nu al te leren hoe belangrijk politiek is. Ik vind het eigenlijk ook niet zo moeilijk om politiek goed uit te leggen aan kinderen.’
Soms vindt een Tweede-Kamerlid het niet meer leuk om samen te werken met zijn politieke partij of heeft ruzie. Hij of zij begint dan een eigen partij. U vindt dat niet zo leuk.
‘Ik leg dit graag goed uit, met een voorbeeld. Bij de SP was er een meneer, de heer Lazrak, die is in de Kamer gekozen, als één van de negen Kamerleden, omdat de SP een heleboel stemmen heeft gekregen. De heer Lazrak had zelf niet genoeg stemmen om ook in de Kamer gekozen te worden. Dankzij al die stemmen kreeg de heer Lazrak ook een plaats in de fractie. Als hij dan, na een jaar, zegt: “ik heb een beetje ruzie met de heer Marijnissen en ik ga apart.” Dat is niet zo als het zou moeten, hij heeft het niet zelf verdiend om een stoel in de Tweede Kamer te krijgen. Het zou beter zijn dat hij, na de ruzie, uit de Kamer gaat en de volgende keer tijdens de verkiezingen probeert om zelf Kamerlid te worden. Hetzelfde geldt voor Geert Wilders.’
Bent u ook boos op ministers die rare dingen zeggen over de politiek of de Tweede Kamer?
‘Ik ben geen schoolmeester van Nederland, maar als een minister zegt dat het in de Tweede Kamer een grote rotzooi of rommel is, dan vind ik dat niet zo leuk. Mensen vinden politiek soms saai en niet interessant, maar als de minister dat dan zo zegt dat helpt het niet dat mensen politiek leuker zullen gaan vinden.’
Vindt u het een goed idee dat kinderen op school les krijgen over politiek en Europa?
‘Ik zou het heel goed en belangrijk vinden dat kinderen, op een leuke manier tijdens de les dingen leren over politiek en Europa. De kinderen die nu opgroeien, krijgen nu al, en later als ze groot zijn, heel veel te maken met Europa.’
Een playstation-spel over politiek?
‘Misschien is dat wel een goed idee, het zou ook goed zijn om speciale lespakketten te maken over politiek.’
Alle rechten voorbehouden.
© 2005-2010 Politiek4kids.nl










Stel je vraag aan een MINISTER, STAATS- SECRETARIS of EUROPARLE- MENTARIËR!